Op een dag. En het wordt spectaculair.

Voor lesbische koppelsis kinderen krijgen net iets anders en minder romantisch dan voor heterokoppels. Ze krijgen geen liefdeskinderen door romantische, stomende nachten en geen toevallige ‘ongelukjes’. Hun baby is een weloverwogen beslissing. En ook bij ons was dat het geval. We dachten dat we wisten waar we aan begonnen. Het zou een bijzondere tocht worden, waar we vol optimisme en goede moed invlogen.

Ik weet nog goed hoe we voor het eerst samen bij de gynaecoloog binnen kwamen om over onze kinderwens te praten. Ik was zo zenuwachtig dat ik geen woord gezegd kreeg en zat het gesprek lang een beetje dwaas te knikken. We hadden geen idee welke stappen we moesten ondernemen, of hoe lang dat nu allemaal wel zou duren. We hadden iets horen waaien over lange wachttijden voor je kon starten en wilden die alvast in gang zetten.

Bye bye, romantiek

We waren misschien wel voorbereid op een lang en ingewikkeld proces, maar dat het zo zou lopen hadden we nooit kunnen bedenken. Het begon nochtans vlot. Want die wachttijd, verklaarde de gynaecoloog, was onzin. Alles wat we moesten doen was even telefoneren met de androloog en we konden eraan beginnen. En zo geschiedde. Wat een meevaller! Geen klinische ziekhuizen, geen nummertjes trekken en wachtrijen. Maar we hadden te vroeg victorie gekraaid. De eerste inseminatie was op zijn minst lichtjes traumatisch te noemen. En ook degene die daarop volgde. En de volgende. En de volgende. Daar ging ons hoopvolle, enthousiaste gemoed. Wat normaal gezien een leuke ervaring had moeten zijn, kreeg een wrang gevoel. En wat was begonnen in de knusse, familiale praktijkruimte van onze joviale gynaecoloog, veranderde al snel in een maandelijks rondje van bang de adem inhouden, hopen en teleurstelling. Allerminst romantisch, dat kan ik je wel vertellen.

Had dit proces geen liefdevolle, positieve noot in ons leven moeten zijn?

Negen moeizame en letterlijk vruchteloze inseminaties bij zes verschillende gynaecologen later zat onze hoop zo ongeveer tegen het vriespunt. We waren de wanhoop nabij. Ik kon niet meer. Voelde het voor alle proberende koppels zo? Had dit proces geen liefdevolle, positieve noot in ons leven moeten zijn? Het werd nog erger toen we officieel de medische diagnose ‘verminderd vruchtbaar’ opgeplakt kregen. We begrepen er niets van. Mijn vrouw was 27, blakend van gezondheid, niet-roker en dronk nooit alcohol. Er was dan ook geen aanwijsbare reden voor die verminderde vruchtbaarheid, want eigenlijk verliep alles helemaal naar wens. Haar hormoonwaarden zaten goed, de spermastalen én de eitjes waren van topkwaliteit, alleen lukte het maar niet om zwanger te worden. God knows why. Zij voelde zich schuldig, hoewel ze er niets aan kon veranderen. Ik kon alleen maar lijdzaam toekijken hoe zij bijna ten onder ging aan het overheersende verdriet.

En toch was er geen haar op ons hoofd dat dacht aan opgeven. Daarvoor was onze kinderwens te groot.

Tranen wegvegen, even slikken, en doorgaan

Het was best slikken toen de arts de letters IVF (van in-vitrofertilisatie) uitsprak. Ik had geen idee wat ik me daarbij moest voorstellen, maar ik wist instinctief dat het geen pretje zou worden. En er was ook wel een beetje schaamte. Waren we er dan echt zo erg aan toe? Waren we echt een van de koppels die onze toevlucht tot IVF moesten zoeken?

Bovendien bleek dat ook nog eens het begin te zijn van een mallemolen aan medische onderzoeken, papieren en bijhorend medisch personeel.

Met dat onderzoek had ik het moeilijk, ik vond het een vreemd idee vind dat iemand anders beslist of je wel geschikt bent om ouder te worden.

Eerst kwam er een psychologisch onderzoek, om aan te tonen dat we beseften waar we mee bezig waren. Met dat onderzoek had ik het moeilijk, ik vond het een vreemd idee vind dat iemand anders beslist of je wel geschikt bent om ouder te worden. Onnatuurlijk zelfs. Ik begrijp ergens wel dat er een soort van controle moet zijn, maar ik voelde me er niet goed bij. Gelukkig waarschuwde de psychiater ons gewoon voor het mentale gewicht van zo’n IVF-traject, tekende de papieren en gaf ons zijn zege.

Hoera. We waren geschikt bevonden. Opluchting overheerste mijn boosheid, we konden eindelijk beginnen aan ons traject.

Toen we onze procedure effectief opstartten, moesten we gaan nadenken over een paar ethische vraagstukken waar we nog nooit bij hadden stilgestaan. Zo moesten we bijvoorbeeld beslissen wat er met onze embryo’s zou gebeuren wanneer een van ons beiden sterft, of wat er moet gebeuren wanneer onze kinderwens ingevuld is en we toch nog genetisch materiaal over zouden hebben. Het is best vreemd om na te denken over je eigen dood. Voer voor heel wat denkwerk een hoop filosofische gesprekken. Gelukkig zaten we allebei op dezelfde golflengte.

Mijn vrouw moest alle fysieke last ondergaan, en ik voelde me schuldig omdat ik niets van haar kon overnemen.

Het proces zelf was op zijn minst afmattend te noemen. Een lange periode van tests, spuiten zetten, echo’s en om de drie uur (ja, ook ’s nachts) medicatie nemen, om de twee dagen naar het ziekenhuis voor een bloedname, om de zoveel dagen een echo, genoeg chemische hormonen om een paard om te leggen, … Het was ontzettend zwaar, zowel fysiek als mentaal. Een lange periode van wanhoop, moedeloosheid en verdriet. En schaamte omdat we de wetenschap nodig hadden om onze kinderwens te vervullen. Omdat we het niet alleen konden. Bovendien was het voor ons allebei zwaar op een andere manier. Mijn vrouw moest alle fysieke last ondergaan, en ik voelde me schuldig omdat ik niets van haar kon overnemen. Ik kon alleen maar toekijken naar hoeveel last zij had en proberen in te schatten wat ze juist nodig had. Daarvoor moet je als koppel stevig in je schoenen staan.

Gelukkig was het niet allemaal kommer en kwel. We hebben ook gelachen. En vooral: we beleefden alles heel erg samen, we waren er écht voor elkaar. Het is alsof het hele proces ons nog meer samenbracht. Het goot ons in gewapend beton. Daar hebben we het nu nog vaak over. Je bent zo ontzettend op elkaar aangewezen, een IVF-procedure maakt je of kraakt je als koppel. Zonder elkaar hadden we het niet volgehouden.

Op een dag

Hoe werkt IVF? Waar een vrouw normaal één enkel eitje rijpt per maand, krijg je bij IVF stimulerende hormoonmedicatie die ervoor zorgt dat er zo veel mogelijk eitjes tegelijkertijd rijpen. Niet echt bijzonder aangenaam. Eens die eitjes rijp zijn, onderga je een operatie – een pick-up – waarbij alle rijpe eitjes met een grote, lange naald aangeprikt en opgezogen worden. De eitjes gaan nadien in een petrischaaltje en daar wordt er telkens één zaadcelletje ingeplant. Als alles goed gaat, beginnen er dan cellen te delen tot een embryo. Na een aantal dagen plaaysen ze een embryo terug in je lichaam en eventuele andere embryo’s kunnen ze invriezen.

‘Op een dag is het aan ons’, fluisterden we elkaar steeds opnieuw toe.

Drie pick-ups, één ziekenhuiswissel en vijf embryo’s heeft het ons gekost. Van begin tot eind bijna twee jaar. Veel huilen en veel knuffelen bij alweer een verloren vruchtje, elkaar veel moed inspreken bij alweer een nieuwe poging.

‘Op een dag is het aan ons’, fluisterden we elkaar steeds opnieuw toe. ‘Op een dag is het aan ons en het wordt spectaculair.’

En toen die dag eindelijk aan was gebroken, konden we het niet geloven.

We kregen telefoon met de resultaten van de bloedafname en dachten dat er een fout was gemaakt. Wij, een positieve test? Dat kon niet. Er moest iets misgelopen zijn. Maar ja, het is echt waar. Wij zijn écht zwanger van ons eerste kindje. Een onbeschrijflijk gevoel. En bij onze blijdschap vallen alle zwangerschapskwaaltjes in het niets.

We kunnen terug blij zijn voor andere vrouwen die hun zwangerschap aankondigen en we kunnen weer echt genieten van elkaar en ons leven.

Ik kan niet zeggen dat we het traject plots vergeten zijn. Daarvoor was het te ingrijpend, zeker voor mijn vrouw. Maar het was het allemaal waard. Intussen hebben we ons kleintje zien bewegen op echo, hebben we zijn prachtige hartje horen slaan. En plots ben je een ander mens.

Nu zijn we bijna twintig weken zwanger en hebben we de kans gekregen terug op onze positieven te komen. We kunnen er eindelijk over praten met andere mensen. We kunnen terug blij zijn voor andere vrouwen die hun zwangerschap aankondigen en we kunnen weer echt genieten van elkaar en ons leven.

En het beste moet nog komen. Want we worden mama.